“Luidkeels schreeuwend en wild zwaaiend met mijn armen hoopte ik de mensen voor me te doen stoppen, maar ze waren te ver vooruit en zagen me niet.”
“Hij wil zijn gezicht achter zijn armen verbergen, hij wil weglopen, hij blijft op zijn plek genageld achter het hok staan en kijkt naar de tot leven gekomen schim uit het verleden.”