ˈbɛidə
HerkomstIn de betekenis van ‘alle twee’ voor het eerst aangetroffen in 1100.
- de een en de ander van twee, het tweetal
“Wat een schattige foto van beide honden. Ze kijken beiden naar hetzelfde.”
“Ik duwde de deur met beide handen open en zag dat er ’s nachts een dik pak sneeuw was gevallen, waarvan een stukje geel kleurde toen ik er mijn waterfles in leegde.”
“‘Er zijn slechts twee antimateriehypernuclei ontdekt en beide in de afgelopen vijftien jaar’, zegt deeltjesfysicus Zhangbu Xu van de Kent State-universiteit in Ohio. ‘ALICE levert nu het bewijs voor d”
- form-ofaanvoegende wijs van beiden