blʏts
OriginIn de betekenis van ‘deuk’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1562
- geen geld meer hebbend, blut
“Na die aankoop was hij helemaal bluts.”
- form-ofeerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van blutsen
- form-ofgebiedende wijs van blutsen
- form-of, inversiontweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van blutsen
Formsblutsen(plural)