HerkomstLeenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘borstbeeld’ voor het eerst aangetroffen in 1778
- vrouwenborst, boezem, vrouwenbovenlijf
- borstbeeld
- paspop
- form-ofenkelvoud verleden tijd van bussen
“Ik buste.”
“Jij buste.”
“Hij, zij, het buste.”
Vormenbusten(plural) · bustes(plural) · bustetje(diminutive, singular) · bustetjes(diminutive, plural)