fits, /fits/, /fits/
- tweewielig vervoermiddel dat door middel van spierkracht middels pedalen wordt voortbewogen
“De fiets is een van de populairste vervoermiddelen van de Lage Landen.”
“Naar aanleiding van onze vraag omtrent de herkomst van het woord „viets” schrijft onze correspondent uit Groenlo: Hoewel ik niet kan voldoen aan de uitnoodiging om u aangaande de herkomst van het woor”
“Onze jongens zijn beter op de hoogte en waar ’t noodig is smeden zij ze zelven, getuige de term „viets”, voor vélocipède. Is er korter, kernachtiger, schooner woord te vinden in onze taal?”
- vijf gulden
- form-ofeerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van fietsen
- form-ofgebiedende wijs van fietsen
- form-of, inversiontweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van fietsen
Vormenfietsen(plural) · fietsje(diminutive, singular) · fietsjes(diminutive, plural)