OriginLeenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘kleine folder’ voor het eerst aangetroffen in 1989
- een biljet dat meestal op straat verspreid wordt en dat reclame- of informatieve tekst bevat
“Het bedrijf stond de hele dag flyers uit te delen in de stad.”
- een wielrenner die in tijdritten uitblinkt
“Op jonge leeftijd was hij al een flyer.”
- form-ofeerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van flyeren
- form-ofgebiedende wijs van flyeren
- form-of, inversiontweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van flyeren
Formsflyers(plural) · flyertje(diminutive, singular) · flyertjes(diminutive, plural)