ɣaˈzɔn
HerkomstLeenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘onderhouden grasveld’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1780
- onderhouden, kort gemaaid grasveld bij een huis
“Een gazon kan ingezaaid worden of er kunnen graszoden gelegd worden.”
Vormengazons(plural) · gazonnetje(diminutive, singular) · gazonnetjes(diminutive, plural)