ɣəˈhɑt, /χəˈhɑt/, /ɣəˈhɑt/
Herkomst*vervoeging van hebben: de stam met omvoegsel ge- -d
- form-ofvoltooid deelwoord van hebben
- vormt alleen de voltooide tijden
“Hij had vroeger een brommer gehad.”
“Ook inhoudelijk verschilden ze: Van Mierlo vond dat de ideologieën hun tijd hadden gehad, Terlouw meende dat D66 bestaansrecht had als sociaalliberale partij.”
Bron: Wiktionary