ɣəˈtɔp
OriginNaamwoord van handeling van tobben met het voorvoegsel ge-
- langdurig bezorgd zijn over en vergeefs oplossingen zoeken voor een probleem
“In zijn brief aan de PvdA-achterban schetst Samsom dat de idealen van de PvdA niets aan betekenis hebben ingeboet, maar als die niet vertaald worden in heldere keuzes er alleen getob over de koers ove”
“De olympisch kampioen op de 10 kilometer moest in de laatste rit het antwoord schuldig blijven op Pedersen. Die reed, ondanks getob met een bandje om zijn arm, naar een winnende tijd van 6.22,15.”