ɣəˈwɪn
Herkomstafgeleid van de stam van winnen ww met het voorvoegsel ge-
- voordeel, winst
“Het gewin was groot voor het bedrijf.”
“„Baas Becking vindt dat de mens op een verpletterende manier met de wereld omgaat, en te veel gericht is op economisch gewin. Hij beschrijft de mens als een plaag, vanwege de sterk toenemende bevolkin”
- form-ofeerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van gewinnen
- form-ofgebiedende wijs van gewinnen
- form-of, inversiontweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van gewinnen
Vormen(gewinnen)(plural)