/ˈhelər/
Herkomstafgeleid van helen met het achtervoegsel -er
- iemand die bereid is om gestolen goederen op te kopen
“Ook de heler werd gearresteerd.”
- iemand die de gezondheid van anderen herstelt of althans behandelt
“Hij stond wijd en zijd als heler bekend.”
Vormenhelers(plural)