/klɔmp/
HerkomstIn de betekenis van ‘kluit, klont’ voor het eerst aangetroffen in 1377
- schoeisel van hout, eventueel in combinatie met leer
“In het buitenland is het beeld van een Nederlander op klompen nog niet helemaal verdwenen.”
- een vrij vormeloze hoeveelheid materiaal
“Hij deed er een klompje boter op.”
- van hard materiaal vervaardigd, beschermend schoeisel gedragen door doelverdedigers
Vormenklompen(plural) · klompje(diminutive, singular) · klompjes(diminutive, plural)