klʏts
OriginLeenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘koppeling’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1936
- form-ofeerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van klutsen
- form-ofgebiedende wijs van klutsen
- form-of, inversiontweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van klutsen
- ritmische beweging, slag
- chaotische situatie in het voetbal