ˈmɑŋɡo
Herkomstvan Indonesisch mango, in de betekenis van ‘vrucht’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1596
- soort oranje-groene sappige tropische vrucht
- benaming voor kolibri's uit het geslacht Anthracothorax
Vormenmango's(plural) · mangootje(diminutive, singular) · mangootjes(diminutive, plural)