nust
OriginIn de betekenis van ‘arbeidzaam’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1653
- onvermoeibaar ijverig, met name fysiek
“Een mens komt tot diepere inzichten door iets te gaan doen dat hij zelden doet. In mijn geval was dat: noeste handarbeid.”
- op noeste wijze
“Er werd noest doorgewerkt.”
Formsnoester(uninflected, comparative) · (noestst) *(uninflected, superlative) · noeste(inflected, positive) · noestere(inflected, comparative) · (noestste) *(inflected, superlative) · noests(partitive, positive) · noesters(partitive, comparative)