/ˈɔrɣəɫ/
HerkomstIn de betekenis van ‘toetsinstrument’ voor het eerst aangetroffen in 1350
- een muziekinstrument dat bestaat uit meerdere losse pijpen waardoor lucht stroomt op een labium en dat ingedeeld wordt bij de aerofonen
Vormenorgels(plural) · orgeltje(diminutive, singular) · orgeltjes(diminutive, plural)