pars
Herkomstvia Middelnederlands pers van Frans pers bn "met een kleur tussen blauw en groen", in de betekenis van ‘kleurnaam’ voor het eerst aangetroffen in 1296
- diverse kleurschakeringen tussen blauw en rood
“In de katholieke kerk is paars de kleur van boetedoening en rouw.”
“Wilde bloemen: spetters rood en paars, kanariegele bloemblaadjes die bewogen in de bries.”
- paarse kleurstof
“Tussen al die verfpotten kan ik het paars niet vinden.”
- met een kleur tussen rood en blauw
“Op het bal droeg zij een paarse jurk.”
“Om de haverklap stopte ik om de zoete bessen te plukken waardoor mijn handen paars kleurden van hun sap.”
- vertegenwoordigd door zowel als linkse als rechtse partijen
“Een paars kabinet.”
“Een paarse regering.”
- form-ofpartitief van de stellende trap van paar
Vormenpaarsen(plural)