plɑnt, plɛnt
- organisme dat kooldioxide opneemt en zuurstof afgeeft
- van stengel en bladeren voorzien gewas dat zijn voedsel uit de aarde opneemt
- obsoleteonderkant van de voet
- fabriek die een onderdeel van een industriële vestiging vormt
- form-ofenkelvoud tegenwoordige tijd van planten
- form-ofgebiedende wijs van planten
- form-oftweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van plannen
- form-ofderde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van plannen
- form-of, obsoletegebiedende wijs meervoud van plannen
Vormenplanten(plural) · plantje(diminutive, singular) · plantjes(diminutive, plural) · [A] plant(canonical) · plants(plural) · [C] plant(canonical)