/rakəl/
OriginIn de betekenis van ‘hark’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1834
- werktuig in de vorm van een wisser waarmee inkt door een zeefraam gedrukt wordt
“De vorm van de rakel, namelijk het rakelprofiel, is bepalend door de breedte van de druklijn.”
- form-ofeerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van rakelen
- form-ofgebiedende wijs van rakelen
- form-of, inversiontweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van rakelen
Formsrakels(plural) · rakeltje(diminutive, singular) · rakeltjes(diminutive, plural)