snuk
Herkomstvan Middelnederlands snoec, in de betekenis van ‘beenvis’ voor het eerst aangetroffen in 1286
- bepaald soort roofvis die in zoete wateren voorkomt, Esox lucius
- een figuur uit de acrobatiek, nl. de positie van de bovenpersoon wanneer deze horizontaal op de handen van een staande of voeten van een liggende onderpersoon ligt. (bv. de hoge of de lage snoek)
- form-ofeerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van snoeken
- form-ofgebiedende wijs van snoeken
- form-of, inversiontweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van snoeken
Vormensnoeken(plural) · snoekje(diminutive, singular) · snoekjes(diminutive, plural)