/stɔrt/
HerkomstNaamwoord van handeling van storten
- masculinestortplaats waar gestort kan worden
- neuterplaats waar modder tijdelijk opgeslagen wordt
- neutereen vertrek in een oude boerderij
- neuterdun plaatstaal
- form-ofenkelvoud tegenwoordige tijd van storten
- form-ofgebiedende wijs van storten
Vormenstorten(plural) · stortje(diminutive, singular) · stortjes(diminutive, plural)