HerkomstIn de betekenis van ‘hijswerktuig’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1376
- een hijswerktuig samengesteld uit kabels en katrollen, of met kettingen en kettingwielen
“De takel is een eenvoudig werktuig.”
- form-ofeerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van takelen
- form-ofgebiedende wijs van takelen
- form-of, inversiontweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van takelen
Vormentakels(plural) · takeltje(diminutive, singular) · takeltjes(diminutive, plural)