/'aɣəns/
OriginLeenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘werkende kracht’ voor het eerst aangetroffen in 1829
- een werkzame stof
- dat zinsdeel dat de handeling van het werkwoord voor zijn rekening neemt
“In de zinnen "Jan eet een appel" en "De appel wordt door Jan gegeten" is "Jan" het agens.”
Formsagentia(singular) · agensje(diminutive) · agensjes(diminutive, singular) · agentes(singular)