/drøn/
- een luid laag geluid
“Er klonk een dreun toen het gevaarte omviel.”
- een harde klap
“Hij verkocht hem een harde dreun.”
- form-ofeerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van dreunen
- form-ofgebiedende wijs van dreunen
- form-of, inversiontweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van dreunen
Formsdreunen(plural) · dreuntje(diminutive, singular) · dreuntjes(diminutive, plural)