ɣraf
HerkomstLeenwoord uit het middeleeuws Latijn, in de betekenis van ‘adellijke titel’ voor het eerst aangetroffen in 1201
- persoon met een voorname bestuurlijke functie of titel
- obsoletedoor de vorst aangewezen ambtenaar die het hoogste toezicht op de rechtspraak of een ander belangrijke activiteit uitoefent
- edelman, erfelijk bestuurder van een graafschap; oorspronkelijk leenman van een vorst, één rang lager dan markies, één rang hoger dan burggraaf, naderhand steeds meer zelfstandig heerser
- adellijke titel, niet meer verbonden aan een bestuurlijke functie
- obsoleteuitgegraven waterloop, gracht, greppel
- obsoletespade
- beschrijving van gegevens in de vorm van een verzameling punten, knopen genoemd, waarvan sommige verbonden zijn door lijnen, de zijden, kanten of takken
“Een elektrisch netwerk is een voorbeeld waar de theorie van de gerichte grafen kan worden toegepast.”
Vormengraven(plural) · graafje(diminutive, singular) · graafjes(diminutive, plural) · grafen(plural)