ɣrɪl
HerkomstLeenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘vleesrooster’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1954
- toestel om vlees door stralende warmte te roosteren voorzien van een braadrooster
“Zout het vlees vlak voordat je het op de grill legt.”
Vormengrills(plural) · grillletje(diminutive, singular) · grillletjes(diminutive, plural)