kwek
- activiteit waarbij men bepaalde planten of andere levende wezens voor een bepaald doel laat groeien
“Hij houdt zich bezig met de kweek van cichliden.”
“Maar begin april werd alles wat Cusani opbouwde in één klap illegaal. In een nieuwe wet stelt het Italiaanse parlement hennep gelijk aan cannabis, waarvan de kweek verboden is. Zo'n achthonderd bedrij”
- planten of andere levende wezens die iemand voor een bepaald doel heeft laten opgroeien
- plaats die bestemd is voor het laten opgroeien van jonge plantjes
- bepaalde grassoort, Elytrigia repens, die in de tuin een lastig uit te roeien onkruid is
- form-ofeerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van kweken
- form-ofgebiedende wijs van kweken
- form-of, inversiontweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van kweken
Formskweken(singular) · kweekje(diminutive) · kweekjes(diminutive, singular) · [A] kweek(canonical)