OriginIn de betekenis van ‘het telen, het geteelde’ voor het eerst aangetroffen in 1599
- het kweken
- dat wat geteeld is
- form-oftweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van telen
- form-ofderde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van telen
- form-of, obsoletegebiedende wijs meervoud van telen
Formsteelten(plural)