Wordle Nederlands · Archive

Alle woorden

1,768 dagelijkse woorden en groeiend

#928
lener
lener
iemand die iets van iemand anders leent
#927
chape
chape
zandcementvloer
#926
quizt
quizt
werkwoordDerde persoon enkelvoud van 'quizzen': iemand doet mee aan een quiz of stelt quizvragen.
#925
opril
opril
weg naar de top van een dijk, vestingwal of andere verhoging
#924
reint
reint
#923
sosef
sosef
#922
oppot
oppot
eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van oppotten
#921
vegas
vegas
#920
agent
agent
persoon die namens de politie belast is met de handhaving van de openbare orde en veiligheid
#919
veste
veste
een met muren beschermde plaats; de muren van een vesting
#918
ossip
ossip
#917
queue
queue
lange rij met personen die op hun beurt staan te wachten
#916
saint
saint
zelfstandig naamwoordHeilige; iemand die door de kerk als heilig wordt vereerd.
#915
zemen
zemen
werkwoordMet een zeem (zeemleer) schoonmaken of droogwrijven, vooral ramen of auto.
#914
papil
papil
verhevenheid, o.a. op de tong (-> smaakpapil)
#913
klerk
klerk
iemand die administratieve werkzaamheden verricht
#912
meest
meest
van tijd meestal
#911
tarik
tarik
jongensnaam
#910
rudge
rudge
#909
tange
tange
aanvoegende wijs van tangen
#908
kieft
kieft
#907
meein
meein
#906
apert
apert
voor iedereen duidelijk, onmiskenbaar
#905
batur
batur
#904
rafik
rafik
#903
felds
felds
#902
inren
inren
#901
begin
begin
eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van beginnen
#900
oomen
oomen
#899
colpa
colpa