Wordle Nederlands · Archive

Alle woorden

1,764 dagelijkse woorden en groeiend

#1524
conor
conor
jongensnaam
#1523
trafo
trafo
verkorting voor transformator een elektrisch apparaat dat dient om een wisselspanning om te zetten i…
#1522
voske
voske
zelfstandig naamwoordVerkleinwoord van vos: een (kleine) vos, vaak als liefkozende benaming.
#1521
puppy
puppy
pasgeboren hond, jonge hond
#1520
harig
harig
met haar begroeid
#1519
buiig
buiig
regenachtig, met buien
#1518
serin
serin
#1517
wegga
wegga
eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van weggaan
#1516
sloef
sloef
warm, zacht schoeisel voor gebruik binnenshuis, met een open hiel
#1515
bohle
bohle
#1514
durex
durex
#1513
milou
milou
meisjesnaam
#1512
zeboe
zeboe
Bos primigenius indicus een zoogdier uit de familie van de holhoornigen (Bovidae) dat voornamelijk i…
#1511
afwon
afwon
enkelvoud verleden tijd van afwinnen
#1510
stede
stede
zelfstandig naamwoordplaats; (vaak in samenstellingen) stad of locatie.
#1509
bosts
bosts
#1508
talie
talie
eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van taliën
#1507
keten
keten
zelfstandig naamwoordEen reeks schakels of ringen die aan elkaar vastzitten, vaak van metaal.
#1506
sauer
sauer
#1505
makam
makam
#1504
vrank
vrank
vrij, zonder remming, vrijpostig
#1503
vicky
vicky
#1502
heger
heger
#1501
rames
rames
#1500
breng
breng
werkwoordEerste persoon enkelvoud van 'brengen': ik neem iets mee en geef of lever het ergens af.
#1499
amigo
amigo
zelfstandig naamwoordVriend; kameraad (vaak informeel, uit het Spaans).
#1498
hééft
hééft
werkwoordDerde persoon enkelvoud van 'hebben' (hij/zij/het heeft), vaak met nadruk: bezit of heeft gedaan.
#1497
harre
harre
scharnier
#1496
ories
ories
#1495
donna
donna
respectvolle aanduiding voor een vrouw